Avonturen van Rick en Dora op Sziget 2004
Zojuist heb ik een verhaal gepubliceerd dat ik vorig jaar zomer heb geschreven over de avonturen van mij en Dora op Sziget 2004.
Het verhaal begon al helemaal stoffig te worden in een vergeten hoekje van de bestandsstructuur maar nu heeft ie eindelijk het licht van het internet gevonden!
Het is nu woensdag 11 augustus 2004. Vandaag hebben we alleen maar geslapen. Dat wil zeggen: vanochtend hebben we de tent ingepakt en hebben we het Sziget festival 2004 verlaten en zijn we naar een camping gegaan die een paar haltes verder lag in Boedapest. Na onze tent daar opgezet te hebben zijn we weer gaan slapen. Toen we wakker werden zijn we de camping gaan verkennen en de omgeving. We vonden een plusmarkt en hebben inkopen gedaan voor het eten, maar eerst zijn we weer gaan slapen. Toen ik wakker werd had Dora al een heerlijke pastasalade gemaakt, o nee, geen pastasalade, maar een salade met tomaat, tv paprika (van die langwerpige lichtgele paprika’s, die noemen ze hier zo), mozerella en sardientjes.
(knip…:-).
Maar goed, dat was allemaal vandaag. Nu zit ik te schrijven en Dora te lezen aan een picknicktafel bij een barretje/kampwinkeltje en drink ik een heerlijk biertje. Een Aszok, een halve liter zoals ik het de hele week al gewend was op Sziget. Ik kan bijna niet wachten om het hele verhaal op te schrijven van de hele week. Het was echt super! Ik begin bij het begin.
We waren amper terug in Nederland van een heerlijke week NK Deltavliegen in Frankrijk, Zuid Frankrijk, toen we met de bus naar Hongarije vertrokken. Het was negen uur ’s ochtends op Utrecht Centraal, en iedere bus zagen we aan voor die van Eurolines. Daar was ie dan eindelijk. Onze bagage werd gelabeld en we stapten in in een nog bijna lege bus. Direct viel ons een tweetal dames op die nogal luidruchtig, maar vooral ononderbroken met elkaar praatten alsof ze elkaar jaren niet gezien hadden. We wisten toen nog niet dat we daar de rest van de vakantie met veel plezier mee zouden optrekken.
Hoe we ons in het gesprek mengden weet ik niet meer precies, maar volgens mij kwam het doordat ik al voor de zoveelste keer in lachen verschoot tijdens het lezen in mijn vijfde Harry Potter boek door hun grappige gesprek. Het boek maakte plaats voor gezellige vakantiespelletjes en raadsels die tot ergernis van de medereizigers tot diep in de nacht zouden duren. De reis ging ontzettend snel. Om de zoveel tijd werd er gestopt en er werden contacten gelegd met andere reizigers. Brice leerden we kennen op de eerste stop in Duitsland. Hij was een Franse jongen die in z’n eentje met een Eurolines pas Europa doortrok en ook naar het Sziget festival ging. Op dat moment kenden we er dus vijf die naar Sziget gingen met onszelf er bij. By the way, de dames van zojuist bleken beide Simone te heten. (Ik krijg precies op dit moment een SMSje van hun dat ze ons nu al missen).
De busreis ging redelijk vlekkeloos behalve dat ik misselijk werd doordat ik te veel dingen tegelijk aan het doen was in de bus. Toen ik weer netjes vooruit ging kijken en de bus uit de file was ging het weer beter.
Spannend of eigenlijk een beetje vreemd was de controle op de Duitse snelweg. Ineens stonden we stil op een Park Platz aan de Deutsche Autobahn. Passport bitte! Zei een strenge Duitse man in burger uniform. Ik denk dat het de vreemdelingenpolitie was die controleerde op illegalen die van Nederland naar Duitsland zouden reizen. Gelukkig was niemand uit de bus illegaal en gingen we weer verder.
Het werd later en later en op een gegeven moment pakten de Simones er een fles wodka cola bij. Gelukkig was de fles nog niet tevoorschijn gekomen tijdens het Mexicanen want dan was het helmaal te bont geworden. Het Mexicanen in deze stijl had ik nog niet eerder gedaan. Met dobbelstenen en dan over de worp van de vorige uit zien te komen en anders bluffen. Normaal zou je bij iedere fout een slok drank moeten nemen maar wij hielden het toch maar bij turfen. Ik werd er steeds beter in en Dora al helemaal. De Simones gingen juist hard achteruit en veel later begrepen we dat dat kwam door de spacecake die ze hadden gegeten.
Om een uur of vier/vijf kwamen we aan bij de Hongaarse grens. En hetgeen waar bijna iedereen bang voor was gebeurde. Een complete controle. Iedereen de bus uit, en de lieve buschauffeur die net weer uit zijn slaapvertrek was gekomen moest alle tassen en koffers buiten neerzetten zodat een speurhond alle bagage op drugs kon doorzoeken. Naïef dat ik was voorzag ik geen problemen, wie zou er immers zo dom zijn drugs mee te smokkelen naar een land als Hongarije. Toch dachten de douane beambten daar anders over. De speurhond doorzocht drie keer de stapel met tassen en ook de handbagage werd grondig onder handen genomen. Drie jongens werden er uitgepikt, zij droegen alle drie een baard en moesten hunnen tassen helemaal leeg halen. Gelukkig leidde het tot niks, er werd niets gevonden. Later bleek dat bijna iedereen wel degelijk iets bij zich had gehad. Waarschijnlijk waren Dora en ik de enige twee met een schone lei. Brice bleek weed bij zich te hebben in een vieze sok, we verdachten een jochie ervan bepaalde zaken in z’n aars gestopt te hebben omdat hij nogal moeite had met zitten waardoor wij op onze beurt weer moeite hadden met het volgen van de film in de bus, nou was dat niet zo erg omdat de film, getiteld Bedazzaled, toch niet zo bijster interessant was, eigenlijk was het de slechtste film die ik ooit in een bus gezien heb. Maar goed, bij hem zat het achter in, één van de Simones had eveneens een ‘discrete’ plek gevonden om wat grammetjes hasj te verstoppen.
Het laatste stuk ging erg snel. We vielen als een blok in slaap en hebben bijna niks van het Hongaarse landschap gezien. Het enige wat ik me nog kan herinneren was dat het erg vlak was en dat er ontzettend veel hoogspanningsmasten langs de weg stonden. Een ander beeld dat ik me nog voor de geest haal is een berkenboompje die uit de muur van een oud gebouw groeide.
En dan Népliget, het busstation, de eindbestemming van de heenreis. We werden wakker en moesten direct de bus uit. Nog half slapend vergaten we de chauffeurs te bedanken laat staan dat onze slapende hoofden er aan dachten om ze een fooi te geven. Daar stonden we dan in Boedapest. Alles in het Hongaars, maarrrr wij hadden de Lonely Planet! We leerden wat Hongaarse woordjes en hadden al snel de geldautomaat gevonden zodat we onze eerste Hongaarse Forinten konden opnemen. Ook het kopen van kaartjes voor de metro ging gemakkelijk, vooral omdat de kleine Simone al vaker in Boedapest was geweest en al redelijk wist hoe alles er aan toe ging. Op het station kwamen we een meisje tegen die een VIP kaartje te koop aan bood, maar Dora’s voorzichtigheid weerhield mij van deze aanschaf. Het was inmiddels acht uur ’s ochtends. In de metro ging het allemaal prima. Nog een uitgangscontrole gehad, maar we waren goed voorbereid en hadden netjes onze kaartjes gestempeld. Geen makkelijke prooi dus voor deze mannetjes met witte overhemden die plotseling een rode band om hun pols deden waardoor ze er plotseling erg indrukwekkend uitzagen.
Na twee keer overgestapt te hebben kwamen we aan bij de halte Filatórigát. De eindhalte van onze heenreis, de dichtstbijzijnde halte voor het festival eiland.
De Simones en Brice hadden al kaartjes. Dora en ik moesten deze nog kopen. Omdat we zo vroeg waren ging dat ook redelijk snel. Binnen een half uurtje hadden we onze gele bandjes om en konden we de grote ijzeren brug over richting de volgende controle. Hier werd onze bagage gecontroleerd op flessen van glas en andere gevaarlijke voorwerpen. Langs deze controle kwamen iedere keer dat we het eiland verlieten of weer op wilden.
We waren er! Zwaar bepakt zochten we een plekje om onze tent op te zetten.
We wilden een goed plekje natuurlijk dus we namen er de tijd voor. Met z’n vijven liepen we daar rond, en ook al was het de eerste dag en nog voor tienen ’s ochtends, veel plekjes waren al ingenomen. Na een tijd gelopen te hebben met een té zware tas streken we neer op een mooi plekje in de schaduw onder de bomen. Toch niet helemaal tevreden keken de kleine Simone en ik nog even verder, en het leek erop dat we een beter plekje hadden gevonden. Hup, met alle bagage en Brice met een al half opgezette tent naar het volgende plekje. Oops, sorry dames misschien is de vorige plek dan toch geschikter. Terug dan maar. Ok, tent opzetten. Onze net nieuwe tent van €20 bij de Halfords. Hij deed het! Hij was snel opgezet en bleek erg praktisch! Dora was vooral heel blij, want de week daarvoor in Frankrijk had ik haar nogal laten schrikken met m’n ouwe tentje. Het ergst bij elkaar geraapte tentje dat je je maar kunt voorstellen…
Daar stonden we dan. Slaapzak en matje uitgerold, leuke open plek voor onze tent waar we leuk konden zitten met Brice en de Simones en toen begon het: De soundcheck van de eerste band in de dichtstbijzijnde tent…. Oops. We bleken onze tent pal naast de Hammer stage opgezet te hebben, shit! Wat nu? Dora had het over oordopjes voor ’s nachts, ik zat zelf meer te denken aan het verplaatsten van onze tent naar een wat minder extreem plekje op het festival terrein. Eigenlijk had het ons wel moeten opvallen al die mannen met lang zwart haar en meisjes met zwarte make-up van hun ogen tot aan hun schouders. Maar nee dus, daar stonden we dan, omsingeld door hardrockers met in het vooruitzicht: Dying Bride, Cannibal Corpse, Insane, SuperButt, Deprezzio, StereoChris, DemonLort en GraveDigger…
Mede om onder de eerste soundcheck uit te komen gingen Dora en ik een rondje maken over het terrein. We vonden talloze plekjes waar we beter zouden kunnen staan dan op de onze, en we waren vastbesloten om te overleggen met de Simones wat zij er van vonden om alsnog te verhuizen. Op verschillende podia werd al iets gespeeld. We besloten te kijken wat er op het hoofdpodium gaande was, maar plotseling zag ik een stand met festivalshirts. Het stoppen bij deze stand resulteerde in de aanschaf van mijn eerste T-shirt van deze week. Hier zou het niet bij blijven.
Die avond gingen we met z’n allen het terrein op. Niet ver van onze tent vandaan bevond zich het pesti-est podium waar we een uurtje genoten van een Hongaarse band genaamd Mind1. Ze stelden zich voor als Johannes Sebastian, Ludwig Von, en Amadeus, en zo zagen ze er ook uit. Hun muziek was erg leuk, vooral heel vrolijk. Het waren hun eigen rock-versies van de klassieke werken van hun voorbeelden.
Tijdens dit optreden leerden we Ramon en Sarina kennen. Vrienden van de Simones en na het horen van hun verhaal over de heenreis waren we het met z’n alleen eens. Wat een pechvogels die twee. Dat hun beide koffers na de vlucht eerst kwijt, en later onherstelbaar beschadigd bleken te zijn en dat ze hun tent-haringen moesten inleveren bij het vliegveld omdat dit volgens de beambten dodelijke steekwapens waren, zegt genoeg…
Doordat Dora en ik eerst “wat warmers aangedaan hadden†waardoor we de rest kwijt waren geraakt zijn we maar samen naar de Petshop Boys gegaan. Eigenlijk vond ik het maar een stelletje nichten die boys. Het enige liedje waar ik echt van genoot was Go-West. We wilden net weggaan, maar zijn huppelend terug gekomen toen dit liedje begon. Daarna zijn we erg snel gaan slapen. We hadden immers al meer dan een etmaal geen normale nachtrust gehad maar dat zou dankzij de Hammer stage nog wel een weekje op zich laten wachten.
Dag twee begon vroeg. Precies om tien uur, zoals elke dag die nog zou komen. Een ritme waar ik eigenlijk niet zo blij van werd. Een ritme wat misschien niet eens echt natuurlijk was, maar er door de Bomba stand werd ingetimmerd. De Bomba stand verkocht vanaf die tijd van die gele plastic flesjes energydrink waarvan je de hele nacht kon wakker blijven, en als je dat toch niet gehaald had dan was het misschien handig tegen een houten kop.
Dat moesten we natuurlijk probleren… maar niet om deze tijd… Wakker was wakker en we moesten toch iets met deze prachtige dag. De Simones bleken ook wakker te zijn geworden en Brice de knuffel-fransman was wakker. Dus we konden iets leuks gaan doen met z’n allen. We besloten naar het Csecenyi bad te gaan. Dat was echt fantastisch! Watertemperaturen tot 38 graden Celcius, een stoomhok, een ontzettend grote sauna, een wildwaterbadje, kortom van alle gemakken voorzien.
Zelfs de kluisjes waren leuk. Je kreeg een bandje met een nummer, maar dit was niet het nummer van je kastje. Die moest je los onthouden. Het was een nummer die door een badmeester met krijt aan de binnenkant van je kastje werd geschreven als controle zodat je niet met een gevonden bandje iemand anders kleding kon meenemen. Een “waterdicht systeemâ€.
We zijn net iets minder dan twee uur in dit terminale uh.. thermale bad geweest waardoor we ook nog een bepaald gedeelte van de toegangsprijs terug kregen. Brice probeerde nog postcards van het bad te kopen, maar de vrouw achter de balie begreep hem niet en wou hem per se een toegangsbewijs verkopen. Toen we uiteindelijk maar wegliepen snapte ze het helemaal niet meer.
Terug naar het eiland ging heel wat sneller dan de heenweg. Hadden we op de heenweg het hele park afgezocht op zoek naar het badhuis, nu bleek dat het in vijf minuten had gekund. De metro op weg naar het festival ging snel maar ondanks dat waren we toch al veel te laat voor de Bloodhound gang, maar dat vonden we niet zo erg want die zouden we wel op Lowlands gaan bekijken.
Dit was eigenlijk het moment dat Brice vaker alleen op pad ging. De eerste paar dagen was hij heel fit, ontzettend sociaal, heel vriendelijk en had hij bovendien opvallend veel energie, vanaf nu werd het geleidelijk minder. Langzaam begonnen zijn energiebronnen op te raken. Het kwam voor dat ie ’s ochtends niet zoals ons gewekt werd door de Hammerstage en de Bombabus, maar dat ie ergens op het terrein wakker werd onder een zeiltje in de modder. Zijn interesse voor meisjes, leek plotseling een obsessie te worden. Nadat het eerste Duitse meisje een vriend bleek te hebben en hij niet meer mocht dan haar zoenen kwam hij al gauw Sabrina tegen. Een Frans meisje, wij hebben haar nooit gezien. Brice haar trouwens ook niet meer na hun eerste ontmoeting. Hij heeft de rest van het festival naar haar lopen zoeken maar zonder resultaat. Hij gaf ons haar signalement en of we af en toe haar naam wilden roepen als we iemand zagen met haar kenmerken. Brice was echt verliefd. We zagen hem steeds minder en zijn tentje bleef regelmatig leeg… soms dachten we dat hij haar had gevonden, maar waarschijnlijk ontmoette hij in de tussen toch een aantal vervangende Sabrina’s.
Die avond bij de tent zijn we nogal gaan indrinken en hebben we met z’n vieren, de Simones, de Dora en ik leuk gekletst en drank spelletjes gespeeld.
Ik begon steeds erger te merken dat ik veel met de drie dames optrok. Dora en de Simones hadden mij al zo weten te indoctrineren dat ik zelfs al mee begon te praten over meisjes dingen. Zo heb ik tijdens het boodschappen doen wel een uur bij de lingerie afdeling gewacht…
Shit weer een zijweg. Ik wil gewoon vertellen over die avond. De tweede avond op het festival, donderdag 5 augustus een merkwaardige avond.
Zoals gezegd zaten we gezellig bij de tent en ik besloot mijn thermarest self-inflatable matje erbij te pakken. Dat lag een stuk lekkerder…althans de eerste 20 seconden. Daarna voelde de grond weer net zo hard aan als hij daarvoor gevoeld had zonder matje. Oops… het zou toch niet echt zo zijn dat ik mijn net nieuwe matje nu al kapot gemaakt had. Uhm…ja. Een dikke scheur sierde de onderkant van mijn nieuwe aanschaf. Sjit. Ik was de wanhoop nabij, maar daar waren de Simones en het Dora meisje die met de oplossing kwamen. De Simones hadden een luchtbed-plak-setje en Dora had SeamSeal bij zich. Geweldig. Binnen een kwartier was het gat gedicht en kon ik die nacht weer lekker slapen. Mijn matje zou er toch voor altijd iets aan overhouden.
We gingen een beetje indrinken. De Simones hadden wodka bij zich, en ik haalde bij onze vrienden van de bombabus wat energydrink voor 4 personen. Toen er ook nog een pretsigaret van vers gesmokkelde hash rond ging werd het helemaal gezellig. Als ik me niet vergis was er zelfs nog een halve fles wodka cola opgegaan. Slapen zouden we de eerste tijd niet dat was wel duidelijk. En toen alle gemixte drank op was kwam er ook nog een Simone met een fles pure whisky. Dat was het moment dat we dan toch maar wat bands moesten gaan kijken. Hand in hand huppelend met een fles whisky in de hand verplaatsten we ons over het terrein. Met een snelheid waarvoor iedereen wel een stapje opzij ging snelden we voorbij aan kraampjes met leuke tshirts, aardige kettinkjes, warme Hongaarse versnaperingen (langos), hotdogs, de beste panini’s en nog veel meer. Totdat we opeens stil stonden. Alle vier tegelijk en ik wel het stilst. Achter mij lag de ene helft van mijn sandaal precies waar ik mijn vorige stap gezet had en aan mijn voet zat alleen nog het bovenstuk. Dora was tijdens het huppelen op mijn zool gaan staan waardoor het beveiligingsysteem in werking trad en de zool zich afkoppelde van de rest van mijn sandaal. Wat nu? Zo konden we niet verder. Maar gelukkig was daar een barmhartige Hindoestaan die ons wou helpen. Hij liet zijn dochter ducktape halen in ruil voor de belofte dat wij de volgende dag bij de hindoe stand zouden komen mediteren. Een dergelijke belofte was met zoveel drank op snel gemaakt. De sandaal was gefikst en we konden verder. Totdat nog geen 10 meter verder onze aandacht werd getrokken door een Joodse Shabbat. We werden de kring ingetrokken en dansten op de muziek en live zang van een grote Jood met een lange bard. Blijkbaar was dit voor omstanders erg grappig want er vormde zich meteen een publiek van meters dik. Al die gelovige ogen die ons heidenen zo verbaasd aanstaarden werden ons toch iets te veel. We maakten dat we weg kwamen. Op naar de tent van Reef. Een goed merk slippers waar we toevallig die dag al eerder waren geweest. Maar nu was het echt nodig natuurlijk. Want dooropen op een sandaal die gerepareerd met Hindoestaans plakband op Joodse grond had gedanst kon uiteraard niet.
Zelfs bij de Reef tent trokken we veel bekijks. Ik had een mooie slipper gepast en bleeft maar rondjes lopen alsof het een modeshow was. Dora zei nog tegen me: ‘Als jij nou die slipper past dan doe ik net alsof ik nuchter ben’. En dat deed ze verdraaid goed!
Tegelijkertijd maakten we nog foto’s van mijn oude slipper in het rek, en probeerde ik ‘m nog te verkopen aan een paar Hongaren. Zonder succes overigens.
Ondertussen waren de Simones met een waterflesje op hun hoofd het drukke pad aan het oversteken. Het schijnt verbluffend geweest te zijn en er sloten zich meerdere mensen bij hen aan die allen het zelfde wilden proberen.
Uiteindelijk heeft de grote Simone ook nog slippers gekocht bij de Reef stand en zelfs nog korting gekregen.
Voorzien van nieuwe slippers werd het toch wel eens tijd om naar echte live muziek te gaan kijken. Het waren de Freestylers die we als eerste bezochten, maar daar kan ik me eigenlijk niks meer van herinneren. Wel weet ik dat we snel honger kregen en dat ik voor ons vieren vijf panini’s met tomaat en mozerella gehaald heb.
Omdat ik het ‘snelste’ gedronken had was het logisch dat ik als eerste naar de tent moest. Dora had dat goed aangevoeld en heeft mij netjes begeleid. Het schijnt dat ik voor we zijn gaan slapen het nog nodig vond om m’n voeten te gaan wassen en m’n tanden te gaan poetsen. Dat was eerlijk gezegd niet helemaal zonder reden. Ik had opeens een nogal vieze smaak in m’n mond en m’n voeten waren wat vies geworden. Toch was dit omgekeerd-eten toch wel mijn redding geweest want een groot gedeelte van de alcohol hoefde nu niet door mijn lichaam verwerkt te worden maar had de kortste weg naar de WC gevonden.
Daardoor was ik de volgende dag een stuk fitter dan de Simones, die ook wel echt te veel op hadden. Alleen Dora had precies goed maat gehouden zodat ze precies even gek was als ons maar verder nergens last van had de volgende dag.
De Simones hadden een goed excuus om bij de tent te blijven rond de volgende dag. Dora en ik stonden de volgende ochtend voor de fruitkraam ons te goed te doen aan een heerlijk stuk watermeloen en wat was alles ontzettend goedkoop op dit festival. Een groot stuk watermeloen voor 150 forint. Dat is €0,60. Hetzelfde stuk fruit zou op Lowlands zeker vier keer zoveel kosten. Sowieso was bijna alles in Boedapest heel goedkoop. We zijn die dag naar een megagrote supermarkt geweest, zoals je ze wel kent uit Frankrijk. Bijna alles 2 of 3 keer zo goedkoop als in NL, behalve misschien elektronische apparatuur zoals tv’s en fotocamera’s die waren even duur. Op het festivalterrein waren we een paar keer in aanraking gekomen met van die mannetjes met een tank op hun rug waar Nescafé op stond. De eerste keer kregen we koud water van hem en een zakje Frappé (ijskoffie). De tweede keer kregen we warm water en een zakje met Nescafé drie in één oploskoffie. We waren meteen verkocht en toen we in die supermarkt zakken vol van dat spul zagen liggen voor omgerekend €1,00 kon ik me niet meer inhouden en kwam mijn eekhorentjes instict weer helemaal boven. Met een afgeladen winkelwagentje met oploskoffie keken ze me bij de kassa toch wel een beetje raar aan. Ik was er waarschijnlijk de reden van hun prijsverhoging want vanaf de volgende dag was de prijs van de drie in één oploskoffie van Nescafé verdubbeld. Niet alleen in deze supermarkt, maar in alle supermarkten waar ik later die week nog zou komen. Maar gelukkig was ik dus op tijd voorzien vaan een grote hoeveelheid dan wel voorraad drie in één oploskoffie van Nescafé die mij een voorsprong verschafte op de rest van de wereld.
Terug op de camping aangekomen lagen de Simones nog net zo brak op hun handdoek bij de tent als toen we weg gingen. Ze warennog steeds niet in staat op te staan… We hebben ze gevoed met water en brood maar besloten dat we toch nog even een rondje over het terrein wilden lopen. Op ons tochtje zagen we nog ontzettend veel leuke dingen uit het dagprogramma. Hadden we gisteren al een workshop Capoëra en Afrikaanse dans gezien. Nu kwamen we ook nog langs een veldje waar tientallen mensen Tai Chi beoefenden. Dora had heel graag al deze dingen nog samen met mij uitgeprobeerd in de loop van de week, maar door mijn lafheid is het er eerlijk gezegd niet van gekomen. Plots kwamen we een veldje tegen bij een grote tent waar allemaal hangmatten en kussens lagen. Er zat een schuttinkje omheen waardoor we eerst dachten dat het alleen voor vips was, maar toen vonden we de ingang en bleek dat als we onze schoenen uitdeden ook wij gewoon naar binnen mochten. Heerlijk een uurtje wezen chillen daar onder het genot van een heerlijke alcoholvrije cocktail met citroen en munt. Daar waren we wel aan toe!
Die avond speelde het Orchestre Baobab op de Djuice World Music Mainstage, een orkest uit Afrika die ik zeker moest gaan zien volgens mijn vader. En het was absoluut de moeite waard! Die avond zaten we voor het eerst bij de Djuice World Music Mainstage en die trend zette zich voort. We zijn iedere avond terug gekomen, want op dat podium traden alle bands op waar we eigenlijk voor gekomen waren. Nog in het vooruitzicht hadden we Chumbawamba, Oi Va Voi en Afro Celt Soundsystem.
…
Ik zit nu in de trein van Utrecht naar Den Haag. Ze zitten er bijna op, deze twee fantastische weken. De busreis ging verbluffend snel. Omdat ik me nu al niet meer helemaal van uur tot uur kan herinneren wat we de laatste dagen van het festival beleefd hebben ben ik blij dat ik zo snel ben begonnen met het schrijven van dit verhaal.
Ik was gebleven bij zaterdag, de dag dat Chumbawamba speelde op het jus d’orange podium…uhm Djuice podium. Ik wist niet goed wat ik ervan moest verwachten. Eén nummer van hun kende ik goed (thubthumbing) maar wat ze de laatste jaren gedaan hadden wist ik niet. Het viel me alles behalve tegen, wat een spektakel!
Net als vele anderen was ik benieuwd waarom ze op het wereld muziek podium speelden, maar toen ik hun muziek hoorde snapte ik het direct. Een fantastische mengelmoes van pop en folk. Natuurlijk was het publiek het aller enthousiast bij het horen van hun grootste hit thubthumping en gingen we volledig uit ons dak, maar ook een aantal andere nummers maakten veel indru! Het domme is dat ik nu net even de titel kwijt ben van het nummer ik hier wou aanhalen, maar zeker is dat ik ‘m ga downloaden en de kans bestaat ook zeker dat ik een cd van ze aanschaffen. Het schijnt ook dat we daarna nog gekeken en geluisterd hebben naar Misty in Roots, maar daar heb ik niet zo veel van meegekregen omdat ik heerlijk op het gras met m’n ogen dicht en een biertje aan het nagenieten was van chumbawamba. O ja, en ook genoot ik van de Chinese maaltijd die ik had gehaald bij een eetstandje voor maar 1000 forint. Ontzettend lekker! Dat ze in Hongarije ook hele smerige Chinese maaltijden kunnen klaarmaken bleek later.
Ook al was zoals ik al zei de chinees op Sziget erg goed, toch kon de kleine Simone het niet binnenhouden. Heel jammer want ze had het echt net op. Het was waarschijnlijk de combi van het bier, de Chinees, de joint en het springen op de muziek van Misty in Roots. We gingen maar slapen dan nadat we ook nog een angstig Duits meisje hadden beschermd voor iets wat ons in eerste instantie onduidelijk was. Ze rende op ons af en vroeg in paniek of ze zich bij ons mocht verstoppen (verstecken). Wij dachten natuurlijk direct dat onze licht gefrustreerde knuffel Fransman die opeens helemaal fan was van Duitse meisjes achter haar aan zat, maar nee, het was haar vriend die haar voor het eerst in twee jaar geslagen had. En daar was ze nogal van geschrokken. Daar konden wij ook wel inkomen en we pasten nog een tijdje op haar en gaven haar een rustgevende hijs van de voor haar niet onbekende Nederlands pret-sigaret. Dit alles speelde zich trouwens af voordat de kleine Simone achterstevoren at.
De volgende dag was een zondag. Hoewel we überhaupt (let op het Duitse woord ;-) geen besef hadden welke dag dat het was vond ik dat toch leuk hier even te vermelden. Het was de dag dat Oi Va Voi ons zou blij maken met een onvergetelijk concert, hun grootste tot nu toe denk ik. Oi Va Voi die ik afgelopen januari voor het eerst in Groningen zag tijdens Eurosonic en daarna samen met Dora en Jasper in de melkweg had gezien stond hier vanavond voor ons te spelen. We waren ruim op tijd ondanks dat de Simones en Dora nog allerlei T-shirts hadden gepast bij de merchandise stand. Het aantal T-shirts dat ikzelf inmiddels had verzameld stond op vier)
………
Helaas is dit verhaal nooit afgekomen omdat ik in Nederland meteen weer in de drukte van alledag terecht kwam.
Sziget 2005 gaat vast net zo goed worden! Wie gaat er mee?????
